Tiberias

Leven na de geboorte – Leven na de dood

Mijmering van een parochiaan

Leven na de geboorte

Een tweeling zit in de buik van de moeder. Ze zijn druk in gesprek:

“Geloof jij in een leven na de geboorte?”

“Natuurlijk. Er móet wat zijn. Ik denk eigenlijk dat dit hier de voorbereiding is op een leven na de geboorte.”

“Wel nee. Hoe zou dat er uit moeten zien? Nee hoor, er is geen leven na de geboorte.”

“Ik weet het niet precies, maar ik stel me toch iets voor met veel meer licht. En eten met eigen mond, en lopen op onze eigen voeten.”

“Onzin! Zélf lopen en zelf eten! Voor lopen is hier geen plaats en voor eten hebben we toch een navelstreng. Nee hoor, er is geen leven hierna.”

“Maar de navelstreng is wel heel erg kort. Dit hier kan toch niet alles zijn. Ik geloof toch dat er hierna iets heel nieuws begint. Iets dat we gewoon nog niet kennen.”

Maar er is nog nooit iemand teruggekeerd na de geboorte! Het leven eindigt hier, in deze smalle, donkere, waterige ruimte.”

“Nou ja, ik weet ook niet precies hoe het leven na de geboorte zal zijn. Maar we zullen toch onze moeder zien en die zal voor ons zorgen.”

“Moeder???? Jij gelooft in een moeder? En waar is die moeder dan?”

“Nou, gewoon, om ons heen, overal om ons heen.”

“Ik geloof er niets van. Ik heb nog nooit een moeder gezien, dus ze bestaat niet.”

“Ik heb haar ook nog nooit gezien, maar af en toe, als we helemaal stil zijn, kan ik haar horen zingen, en voel ik haar hand over onze wereld strelen. Weet je, volgens mij begint het leven toch pas na de geboorte.”

Bron onbekend

Leven na de geboorte dood

Een oud koppeltje zat rustig na te praten over hun toekomst.

“Geloof jij in het leven na de dood?”

“Wel nee zei de oude man, hoe zou het er moeten uitzien, nee hoor… er is geen leven na de dood.”

“Toch wel” opperde zijn levensgezellin “er moet iets zijn, want ik denk dat ik er een voorproefje van kreeg. Zevenmaal was ik in blijde verwachting, na die voorbereiding beleefde ik een onbeschrijflijke vreugde met dit prille leven na elke geboorte. Precies weet ik het niet, maar leven na de dood, moet vergelijkbaar zijn met geboren worden. Zich volledig vrij voelen, los van wereldse beleving, aan iets anders beginnen, iets dat wij ook niet kennen, zoals geboren worden.”

“Maar er is nog nooit iemand teruggekeerd na de dood…!”

“Toch wel, die Jezus van Nazareth kwam toch bij zijn apostelen. Nou ja… heel juist weet ik het ook niet, hoe het was! Misschien zullen wij onze ‘GOD’ zien die voor ons zorgde zoals ons ‘MOEDER’.

“Een god…. geloof jij daaraan, waar is die dan?”

“Wel gewoon om ons heen, zoals onze moeder voor de geboorte….”

“Zou het dan toch waar kunnen zijn? Die GOD heb ik wel nooit gezien, dus bestaat hij niet.”

“Weet je, als wij nu beiden eens heel stil blijven luisteren, dan horen en voelen wij toch de zachte streling van het herfstvleugje, alles wat ons omringt is uniek, mooi, vredig, geborgen… zoiets moet het zijn, het kan toch niet anders; er moet leven zijn na de dood, zoals er leven is na de geboorte.”

Bron: Bekend

Scroll naar top